Wat speelt er nu?

Uitdagingen

Als het om innovatie gaat, gaan de kosten voor de baten uit. In Guatemala hebben we geïnvesteerd in het verduurzamen van de keten. Daardoor zijn de boeren nu georganiseerd in coöperaties. Ook de productiemethoden worden steeds beter, tot op het niveau van diverse internationale certificaten. Tot nu toe betaalt dat zich niet terug in een hogere verkoopprijs, daarvoor is de marktvraag nog te klein. Door middel van lobby, consumentenbewustwording, en goede communicatie over ons sterke verhaal in de keten, werken we aan het vergroten van de afzetmarkt.

Planning

De afnemers van de peulen en sperziebonen zijn vooral supermarkten. Die hanteren betalingstermijnen van 90 dagen, waardoor er veel voorfinanciering nodig is. De komende tijd gaan we op zoek naar een goede oplossing voor deze financieringsvraag.

Vanuit het programma lobbyen we voor ‘sustainable sourcing’ en voor ‘internationaal maatschappelijk verantwoord ondernemen’. Daarmee wordt het aantrekkelijker voor ‘sourcers’ en ‘exporteurs’ om gecertificeerde producten in te kopen.

De horizon van dit project loopt tot 2020. Dan ronden we het project als zodanig af, en bekijken we een eventueel vervolg.

Updates

Duurzame verbetering

Kleine boeren in Guatemala hebben weinig kansen om een fatsoenlijk inkomen te genereren uit de groentewaardeketen. Vooral boerenfamilies in de hooglanden van Guatemala hebben het zwaar. In sommige gebieden leeft 76 procent van de bevolking onder de armoedegrens, van wie 27 procent zelfs in extreme armoede. De oorzaak: een sector die doordrongen is van het willen zien van snelle resultaten.

Het project ‘Every bean has its black’, dat Woord en Daad van 2015-2020 met diverse partijen uitvoert, zet zich in voor deze boeren en beoogt verbetering in de Guatemalteekse groentesector te brengen. Zodat in de economische groei íedereen meedoet.

PILOTS

Voor het duurzaam verbeteren van de leefomstandigheden van kleine boeren, verkent het consortium innovatieve manieren van landbouw. Eén van de aandachtspunten hierbij is het minimale gebruik van synthetische bestrijdingsmiddelen en kunstmest. De opties worden steeds verder ingeperkt door regelgeving, daarom zijn boeren genoodzaakt om andere oplossingen te vinden. Soms betekent dat investeren in een nieuwe techniek of het gebruiken van een nieuw middel. We trainen boeren in het effectief en minimaal gebruik van pesticiden en bieden hen mogelijkheden voor financiering om nieuwe werkwijzen te adopteren.
De nieuwe werkwijzen lanceren we als pilots. We vinden uit wat werkt voor de boeren en wat de opbrengst verhoogt. In totaal werken we aan 12 pilots, waarvan er in 2017 2 al gestart zijn.

 

KASSEN TEGEN DE DROOGTE

Één van de pilots die al langer loopt is de kassenpilot. In het droge seizoen heeft een kasstructuur een vochtvasthoudende werking, in het regenseizoen zorgt het voor een betere dosering van het water. We hebben verschillende modellen kassen bekeken, uiteindelijk hebben we de open variant gekozen. Hierbij is er alleen een dak, geen zijwanden. We zijn erg benieuwd hoe dit het gaat houden in het aanstaande regenseizoen!

 

 

 

 

 

We houden u binnenkort op de hoogte met een nieuwe update!

Referenties

De prijs voor de peulen was vroeger op de lokale markt heel wisselend. Soms hoog maar meestal laag. Nu we voor de export werken, krijgen we standaard een goede prijs.

Cesar en Claudia uit Guatemala

Om te kunnen eten en leven zijn we afhankelijk van de natuur. We hebben gezonde bodems, gezonde lucht en gezond water nodig om voedzame gewassen te telen en ons vee te voeren. Daarom is zorg voor de natuur een belangrijk onderdeel van onze Fair Factory aanpak.

Zo werken we bijvoorbeeld in Guatemala aan ecologische teelt van bonen en peulen.

Cesar Gonzalez en zijn vrouw Claudia uit Guatemala zijn beiden 30 jaar. Samen hebben ze drie kinderen: Avener (7), Awel (5) en Emeline (3). Op een prachtige, groene helling aan de rand van een bos teelt Cesar zijn ecologische bonen voor de export. Het hele gezin helpt mee met de oogst én profiteert van de inkomsten. Cesar en Claudia vertellen enthousiast over hun bedrijf.

“Ik ben nu acht jaar boer en doe mijn werk heel graag.” vertelt Cesar.  “De prijs voor de peulen was vroeger op de lokale markt heel wisselend. Soms hoog maar meestal laag. Nu we voor de export werken, krijgen we standaard een goede prijs.”

Organisch
Sinds enige tijd werken Cesar en Claudia organisch. Claudia: “We gebruiken geen chemische middelen meer. We dachten dat het moeilijker zou zijn. De chemische bestrijdingsmiddelen gaven veel beschadigingen aan de peulen. Daar hebben we nu geen last meer van. Bovendien viel het aantal insecten heel erg mee. We hebben nauwelijks last gehad.”

Veiliger
“Doordat we geen chemicaliën meer gebruiken, is het veiliger werken. We zitten nu in een overgangsperiode, er zitten nog wel wat chemicaliën in de grond. Maar die zijn binnen een periode van ongeveer drie jaar verdwenen. Een fijn idee, ook voor onze kinderen die vaak meehelpen bij de oogst.”

Hogere prijs
Cesar: “We hebben nu de eerste oogst met de organische methode. Na drie oogsten krijgt de opbrengst het certificaat organisch. Ik denk dat de oogst iets lager is dan in andere jaren. Maar dat komt omdat we geen chemische groeimiddelen hebben gebruikt. Als de certificering rond is, krijgen we een hogere prijs per kilo voor onze bonen.”

Naar school
“Vroeger kon je gewoon aan het werk als je de lagere school had gehad. Nu wordt er van je verwacht dat je de middelbare school volgt. En ook de universiteit. Ik ben trots dat ik deze baan heb zonder de opleidingen. En ik ben heel blij dat een goede prijs krijgen voor onze bonen. Onze kinderen kunnen nu naar school en we hebben een goed leven.”

Vlak voordat ik ging trouwen, kreeg ik een stuk land om te bebouwen. Ik heb zo’n 0,7 hectare. Ik teel het hele jaar door: zoete maïs voor de lokale markt en peulen voor de export. Nieuwe dingen uitproberen vind ik leuk, dat geeft extra dynamiek.

Elmer uit Guatemala

Als er geen vast en betrouwbaar afzetkanaal is, blijven boeren afhankelijk van vele tussenhandelaren en profiteren ze nauwelijks van de meerwaarde die verder in de keten wordt gecreëerd.  Daarom investeren we in een verwerkingsfabriek, als spil in de lokale economie. Dit vormt vervolgens voor Woord en Daad een basis om boeren te organiseren in coöperaties en te trainen om hun productie te verhogen en de kwaliteit te verbeteren. De fabriek biedt voor de boeren een vast afzetkanaal en een eerlijke prijs. Zo verhogen de boeren hun inkomen. Dat geeft hen de kans om te investeren. In hun bedrijf, maar ook in de lokale economie. Zo zorgde de coöperatie van boer Elmer uit Guatemala voor een nieuw dak op de school in het dorp.

Elmer is getrouwd en heeft vier kinderen. Die kan hij onderhouden dankzij de opbrengsten van zijn oogst. Sinds hij deelneemt aan de boerenvereniging in het dorp, zijn de omstandigheden verbeterd.

‘Vlak voordat ik ging trouwen, kreeg ik een stuk land om te bebouwen. Ik heb zo’n 0,7 hectare. Ik teel het hele jaar door: zoete maïs voor de lokale markt en peulen voor de export. Nieuwe dingen uitproberen vind ik leuk, dat geeft extra dynamiek.’

Samen aanpakken
Samen met andere boeren vormt Elmer een vereniging om samen te werken aan kwaliteit en eerlijke prijzen. ‘We hebben een vereniging met 28 boeren en een paar aspirant-leden. De vereniging clustert het aanbod voor inkopers. Zo kunnen we afspraken maken over afname. Als kleine zelfstandige boer sta je er alleen voor, met een vereniging pak je het samen aan.’ De vereniging biedt ook kredieten aan voor investeringen en levert de boeren zaden. Het vormen van de vereniging is ondersteund vanuit een dochteronderneming van het groente- en fruitbedrijf Fair Fruit.

Meer inkomsten
De vereniging levert niet alleen meer zekerheid op, de inkomsten gaan ook omhoog. ‘Doordat we zijn georganiseerd in een vereniging, kon ik een Fair Trade certificaat krijgen. Hierdoor krijg ik bijna het dubbele voor de peulen.’ De winst gebruikte Elmer voor een auto voor het gezin, aanpassingen in huis en het onderwijs voor zijn kinderen.

Goed voor het dorp
In het dorp El Astillero, Guatemala, wonen zo’n 3.000 mensen. ‘Mijn kinderen gaan hier naar school. Toen we hoorden dat het dak zo lek was, dat de kinderen nat werden als het regent, hebben we besloten iets te doen. Met de vereniging hebben we toen het dak laten vervangen. Daarnaast ondersteunen we de lokale kerken en zorgen we voor het onderhoud aan de toegangswegen. Zo is onze vereniging goed voor het hele dorp!’

De CEIS gemeenschap bestaat uit:

1400

boeren

leveren bonen en peulen aan CEIS

700

medewerkers

sorteren en verpakken de producten

10

begeleiders

assisteren en trainen de boeren

0

supermarkten

verkopen de producten in Amerika en Europa

1

Fair Factory medewerker

is betrokken vanuit Woord & Daad / Incluvest

U?

Bekijk hoe u kunt bijdragen aan deze gemeenschap!

Doe mee!

Wilt u ook bijdragen aan deze community?

U kunt bijdragen aan het Fair Factory Development Fund. Bijvoorbeeld door een donatie in het fonds. Uw gift stelt ons in staat vanuit het fonds te investeren in diverse fabrieken in verschillende landen. Ook kunt u als participant bijdragen aan ons fonds.

Neem contact op